Fietsen in de nazomer met de fruitoogst in de Betuwe

Oude boomgaard Zoelen

Nazomeren in de Betuwe: geniet van vers geoogst fruit

In september wordt in de Betuwe, de regio die sowieso de grootste fruitleverancier van Nederland is, veel fruit geoogst. Voornamelijk appels en peren, maar ook pruimen, druiven en bramen worden geoogst. Op veel locaties worden in deze maand zelfplukdagen georganiseerd. Wij fietsten de Fruitige fietsroute in de Betuwe en delen onze ervaringen met jou.

Landgoed en Kasteel Soelen

Op een zonnige dag in september parkeerden we de auto in Zoelen bij de parkeerplaats van Landgoed Soelen. Naast ons staat gelijk al een veld met een paar kronkelende fruitbomen vol appels. Dat ziet er veelbelovend uit...

Dat begint al goed met het Landgoed en Kasteel Soelen. Het monumentale kasteel in het hartje van het landgoed wordt omringd door een kleine gracht en prachtige bomen in een rij, die vroeger een laan vormden. Op het ruim 140 hectare tellende landgoed staan vooral veel oude bomen, sommigen wel meer dan 300 jaar oud! Vanaf deze plek heb je een aantal mooie doorkijkjes over de natuur, bijvoorbeeld naar molen De Korenbloem.

In ons enthousiasme zijn we met fiets en al naar het kasteel gefietst, dat bleek niet de bedoeling. Liever laat je je fiets achter bij één van de ingangen en ga je te voet verder. Het is namelijk een echt wandelgebied. Ga je wel met de fiets, dan riskeer je een boete. Gelukkig kwamen wij er met een waarschuwing vanaf... ;)

Kasteel Soelen

Verder naar Maurik

We waren de bocht nog niet om, of de perenbomen straalden ons al tegemoet. Hier en daar staat een verkoopstalletje waar je lekker vers fruit kunt kopen. Ook een aanrader is landwinkel De Heus (Retsestraat 7, Zoelen). Hiervoor moet je als je de Uiterdijk uitkomt en volgens de route links de Beldertsweg het Amsterdams Rijnkanaal oversteekt, juist de weg oversteken naar de Lingeweg. Volg deze weg die overloopt in de Retsestraat totdat je bij de winkel bent. Hier vind je allerlei natuurproducten van eigen fruitkwekerij: jam, sappen, wijnen, stropen, maar ook bijvoorbeeld advocaat van eigen scharreleieren. Kortom, echt het omfietsen waard!

Landwinkel De Heus

Op weg naar Maurik


Daarna vervolgden we onze tocht naar Maurik: een klein schattig dorpje, maar het telt maar liefst acht rijksmonumenten! De meesten zijn boerderijen uit de 18e en 19e eeuw, maar ook de Hervormde Kerk met zijn toren is een rijksmonument. Volg je braaf de borden van de knooppunten op, dan maak je vanzelf een rondje om de kerk die in de 17e eeuw is gebouw. Vanaf het kleine kerkpleintje kijk je op naar de kerktoren, die zelfs al uit de 14e eeuw stamt.

Hervormde Kerk Maurik

Over de dijk langs de Nederrijn

Als je Maurik uitkomt, volgt een prachtig stuk over de dijk langs de Nederrijn. Rechts kijk je het rivierdal in en heb je uitzicht op het Eiland van Maurik, aan je linkerhand komen de idyllische boerderijen en boomgaarden voorbij.

Dit stukje was onderdeel van de grens van het Romeinse Rijk zo’n 2000 jaar geleden, ook wel bekend als de Limes. Naast een grens, was de Limes ook een handelszone waar de Romeinen en inheemse volkeren goederen en kennis uitwisselden. De Nederlandse Limes is gevormd langs het oude verloop van de Rijn vanaf Arnhem naar de Noordzee. Ter hoogte van Rijnbandijk 40 vind je een informatiebord over de Limes in deze regio.

Langs de Nederrijn

De rust zelve

Je ziet een klein stukje van het dorpje Rijswijk. De historische boerderijen in combinatie met de groene omgeving en zichtbaar oude bomen maakt dat het voelt alsof je teruggaat in de tijd. Na Rijswijk steken we via de Pr. Marijkesluis weer het Amsterdams Rijnkanaal over en komen we in een heerlijk rustig gebied. Het lijkt wel of dit stukje nog niet is ontdekt door andere fietsers; de enige persoon die we tegenkwamen was een lokale inwoner. Prachtige ruime woonerven omlijst door rijen fruitbomen, vol appels en peren. Op elk hoekje staat een verkoopstalletje met eigen producten. We konden het niet laten en hebben zelf een paar sappige peren gekocht. De perfecte snack voor deze warme dag!

De Rust Zelve

De Oranjestad

We genoten van de omgeving en fietsten zo ineens Buren in. Dit stadje mag zich Oranjestad noemen, omdat koning Willem van Oranje in 1551 trouwde met Anna van Buren. Dat is de reden waarom koning Willem-Alexander en koningin Máxima nu nog altijd graaf en gravin van Buren zijn. Het stadje is de moeite waard om even af te stappen en een wandeling te maken, want je vindt hier tal van mooie gebouwen. Loop bijvoorbeeld langs Het Weeshuis uit 1612, het Marechausseemuseum en het Oranjemuseum. Stuk voor stuk panden die van de buitenkant al schitterend zijn. Je vindt hier ook een aantal lekkere restaurants. Het was inmiddels lunchtijd, dus wij streken neer bij de Pannekoekenbakker. En geloof ons: zij weten wel hoe ze pannenkoeken moeten bakken...

Pannenkoeken van Pannekoekenbakker

Tipje van Flipje (overigens hét symbool van de Betuwe): tussen knooppunt 64 en 66 moet je even goed opletten! Vlak na knooppunt 64 moet je namelijk de Tielseweg oversteken naar de Erichemseweg om nummer 66 te volgen, maar dat bordje zit nogal verstopt onder het verkeerslicht van een oversteekplek. Dus wees gewaarschuwd ;)

Via landelijke rust terug naar Zoelen

Heb je hem gevonden, dan word je beloond met wederom uitgestrekte groene landgoederen en fruitbomen. Gewoon een heerlijk stuk om van je af te kijken, te genieten van de landelijke ruimte en de frisse lucht op te snuiven. Als klapper op de vuurpijl fiets je een stukje langs de Linge, misschien wel de mooiste rivier van Nederland. En zo kom je via de andere kant weer terug in Zoelen en rijd je langs de molen waar we eerder vandaag nog zo mooi uitzicht op hadden vanaf het kasteel.

Wij zijn erover uit: een fietsroute die iedereen eens zou moeten fietsen. Al helemaal als fruitliefhebber, maar dat word je vanzelf na het fietsen van deze route. Zo van de boom geplukt, zo vers krijg je het fruit nergens!

Terug naar de rust

Deel via